Publicatie 4
De Rijn is nog steeds viezer dan gewenst. Er zitten met name industriële chemicaliën en medicijnresten in het rivierwater. Voor 2050 moet de lozing van dit soort vervuilende stoffen met 30 procent dalen. Maar tot nu toe lukt dat niet.
Ministers van landen waar de Rijn doorheen stroomt, spraken in 2020 af dat het aantal vervuilende stoffen in het rivierwater binnen dertig jaar 30 procent kleiner moet zijn.
Om dat voor elkaar te krijgen, moet de concentratie van die stoffen jaarlijks met minstens 1,5 procent omlaag. Dat lukt tot nu toe niet goed genoeg, blijkt uit het jaarrapport van het samenwerkingsverband RIWA-Rijn.
Vooral de hoeveelheid HMMM valt op. Deze stof wordt bijvoorbeeld gebruikt in autobanden. HMMM wordt de laatste jaren steeds vaker in het Rijnwater gevonden.
Concentratie van meer dan zestig stoffen te hoog
In totaal kwam de concentratie van meer dan zestig stoffen vorig jaar hoger uit dan de streefwaarden van Europese waterbedrijven.
Streefwaarden zeggen iets over de gewenste concentratie van bepaalde stoffen in het water. Deze zijn gebaseerd op het idee dat de waterbedrijven "met eenvoudige natuurlijke zuiveringstechnieken schoon en gezond drinkwater kunnen produceren". Zo ver is het nu nog lang niet.
Dat de Rijn vervuild is, betekent niet dat er geen drinkwater van gemaakt kan worden. Daar is alleen wel een flinke zuiveringsoperatie voor nodig. Volgens de waterbedrijven kostte dat in 2022 al meer moeite dan een jaar eerder.
